STATUTEN SWEDENBORG GENOOTSCHAP

 

Inleiding

 

-          De vereniging Swedenborg Genootschap is opgericht op 10 april 1909, alstoen voor de duur van 29 jaren en 11 maanden, te rekenen vanaf de dag der oprichting, nadien verlengd met een tijdvak van 17 jaren en vervolgens wederom met 29 jaren en 11 maanden, waarna later, bij besluit van de buitengewone ledenvergadering van 26 januari 1986, besloten werd tot een duur voor onbepaalde tijd.

-          Bij besluit van de algemene ledenvergadering van de vereniging, gehouden op 26 januari 2006, is besloten de statuten van de vereniging aldus te wijzigen dat deze zullen luiden als volgt.

 

Naam en zetel

Artikel 1.

1.       De vereniging draagt de naam: Swedenborg Genootschap.

2.      Zij heeft haar zetel in de gemeente ’s-Gravenhage.

 

Doel

Artikel 2.

1.       De vereniging heeft ten doel belangstelling op te wekken en te bevorderen in de Geschriften van Emanuel Swedenborg.

2.      Zij tracht dit doel onder meer te bereiken door:

a.       het vertalen, uitgeven en verspreiden van Swedenborgs werken en aanverwante literatuur;

b.      het houden van openbare lezingen en leergangen;

c.       het houden van een bibliotheek in de ruimste zin des woords.

 

Lidmaatschap

Artikel 3.

1.       De vereniging kent uitsluitend gewone leden. Alleen natuurlijke personen kunnen lid zijn.

2.      Als lid kan iemand worden toegelaten, nadat schriftelijk een verzoek daartoe is ingediend bij het bestuur, dat vervolgens over de toelating een besluit neemt.

3.      Bij niet-toelating door het bestuur kan de algemene vergadering alsnog tot toelating besluiten. Als leden zijn slechts toelaatbaar de personen, die de doelstelling van de vereniging onderschrijven, zich verenigen met de statuten, daadwerkelijk willen meewerken aan de activiteiten van de vereniging en hun jaarlijkse bijdrage hebben gestort en blijven storten.

      De secretaris van de vereniging houdt nauwgezet een ledenregister bij.

4.      Het lidmaatschap is persoonlijk en mitsdien niet overdraagbaar, noch vatbaar om door erfopvolging te worden verkregen.

 

Schorsing

Artikel 4.

Het bestuur is bevoegd een lid te schorsen voor een periode van ten hoogste zes maanden, in geval het lid bij herhaling in strijd handelt met zijn lidmaatschapsverplichtingen of door handelingen of gedragingen het belang van de vereniging in ernstige mate heeft geschaad. Gedurende de periode dat een lid is geschorst kunnen de aan het lidmaatschap verbonden rechten niet worden uitgeoefend.

 

Einde lidmaatschap

Artikel 5.

1.    Het lidmaatschap eindigt:

a.      door de dood van het lid;

b.      door opzegging door het lid;

c.      door opzegging namens de vereniging;

d.      door ontzetting.

2.   a. Opzegging van het lidmaatschap door het lid kan slechts geschieden minimaal één maand voor het einde van een verenigingsjaar. Zij geschiedt door schriftelijke kennisgeving, welke voor de eerste december in het bezit van de secretaris moet zijn. Deze is verplicht de ontvangst binnen acht dagen schriftelijk te bevestigen. Indien een opzegging niet tijdig heeft plaats gehad, loopt het lidmaatschap door tot het einde van het eerstvolgende verenigingsjaar, tenzij het bestuur anders besluit of van het lid redelijkerwijs niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren.

         b. Een lid kan zijn lidmaatschap met onmiddellijke ingang opzeggen binnen een maand nadat hem een besluit tot omzetting van de vereniging in een andere rechtsvorm of tot fusie is medegedeeld.

3.   Opzegging van het lidmaatschap namens de vereniging kan tegen het einde van het lopende verenigingsjaar geschieden door het bestuur, met inachtneming van een opzegtermijn van tenminste drie weken, wanneer het lid, na daartoe bij herhaling schriftelijk te zijn aangemaand, op de eerste december niet ten volle aan zijn geldelijke verplichtingen jegens de vereniging, casu quo aan de vereisten welke te eniger tijd door de statuten voor het lidmaatschap gesteld mochten worden, heeft voldaan. Opzegging door het bestuur kan onmiddellijke beëindiging van het lidmaatschap tot gevolg hebben, wanneer redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren. Opzegging geschiedt steeds schriftelijk met opgave van de reden(en).

4.   Ontzetting uit het lidmaatschap kan alleen worden uitgesproken wanneer een lid in strijd met de statuten, reglementen of besluiten van de vereniging handelt of heeft gehandeld of wanneer het desbetreffende lid de vereniging op onredelijke wijze benadeelt of heeft benadeeld. De ontzetting geschiedt door het bestuur, dat het betrokken lid onverwijld van het besluit, met opgave van reden(en), in kennis stelt. De betrokkene is bevoegd binnen één maand na ontvangst van de kennisgeving in beroep te gaan bij de algemene vergadering. Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst. Het besluit van de algemene vergadering tot ontzetting zal moeten worden genomen met een meerderheid van tenminste twee/derde gedeelte van het aantal geldig uitgebrachte stemmen.

5.   Wanneer het lidmaatschap in de loop van een verenigingsjaar, ongeacht de reden of oorzaak, eindigt, blijft desalniettemin de bijdrage van het lopende verenigingsjaar voor het geheel door het lid verschuldigd, tenzij het bestuur anders besluit.

6.   Een lid kan zich door opzegging van zijn lidmaatschap niet onttrekken aan een besluit krachtens hetwelk de verplichtingen van geldelijke aard van de leden worden verzwaard, onverminderd de mogelijkheid van opzegging volgens lid 2 van dit artikel.

 

Geldmiddelen

Artikel 6.

1.       De geldmiddelen van de vereniging kunnen onder andere worden gevormd door:

-         contributies van leden;

-         omslagen;

-         opbrengsten uit verkoop van door de vereniging te verspreiden boeken;

-     opbrengst van entreegelden en collecten bij gelegenheid van lezingen en leergangen;

-         donaties en vrijwillige bijdragen;

-         subsidies en sponsorgelden;

-         erfrechtelijke verkrijgingen en schenkingen;

-         andere toevallige baten.

Nalatenschappen worden door de vereniging slechts aanvaard onder het voorrecht van boedelbeschrijving.

2.      Ieder lid betaalt een contributie, waarvan het bedrag jaarlijks door de algemene ledenvergadering tijdens de jaarvergadering wordt vastgesteld. Bovendien betaalt ieder lid de door de algemene vergadering vastgestelde omslagen. Deze mogen per jaar niet hoger zijn dan de contributie.

 

Bestuur

Artikel 7.

1.       Het bestuur is belast met het besturen van de vereniging, met inachtneming van het bepaalde in artikel 8.

2.      Het bestuur bestaat uit tenminste drie personen. Het aantal bestuurders wordt vastgesteld door de algemene vergadering. Indien het aantal bestuurders is gedaald beneden het minimum, blijft het bestuur toch bevoegd zolang tenminste twee bestuursleden in functie zijn. Het bestuur is verplicht te bevorderen dat het bestuur zo spoedig mogelijk weer overeenkomstig deze statuten is samengesteld.

3.      De bestuurders worden op voorstel van het bestuur, of op voorstel van tenminste vijf leden, door de algemene vergadering uit de leden der vereniging benoemd.

4.      Het bestuur wijst uit zijn midden een secretaris en een penningmeester aan. De voorzitter wordt steeds als zodanig door de algemene vergadering benoemd. Met inachtneming van het in lid 2, eerste zin, bepaalde kunnen de functies van secretaris en penningmeester in één persoon verenigbaar zijn.

5.      De algemene vergadering kan een bestuurslid schorsen of ontslaan. Voor een besluit daartoe is een meerderheid vereist van tenminste twee/derde der geldig uitgebrachte stemmen.

6.      De bestuurders zijn bevoegd ontslag te nemen, mits dit schriftelijk geschiedt met een opzegtermijn van tenminste drie maanden.

7.      Jaarlijks treedt tenminste één bestuurslid af volgens een door het bestuur op te maken rooster. Het aftredende lid is terstond herkiesbaar.

8.      Tot het aangaan van overeenkomsten tot het verkrijging, vervreemding of bezwaring van registergoederen en tot het aangaan voor overeenkomsten waarbij de vereniging zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidsstelling voor de schuld van een derde verbindt, is het bestuur slechts bevoegd na goedkeuring van de algemene vergadering.

 

Vertegenwoordiging

Artikel 8

1.       Het bestuur alsmede de voorzitter en de secretaris tezamen zijn bevoegd de vereniging te vertegenwoordigen. Zij kunnen zich daarbij ook door een schriftelijk gevolmachtigde laten vertegenwoordigen.

2.      Aan de penningmeester kan door het bestuur beperkte of algehele volmacht worden gegeven voorzover het de uitoefening van diens taak betreft.

3.      Het in de vorige leden van dit artikel bepaalde doet geen afbreuk aan het bepaalde in lid 8 van artikel 7.

 

Boekjaar/ verenigingsjaar en jaarstukken

Artikel 9

Het boekjaar casu quo verenigingsjaar valt samen met het kalenderjaar.

 

Jaarlijkse vergadering

Artikel 10

De jaarlijkse vergadering van de vereniging wordt gehouden voor 1 juli van elk jaar. De jaarvergadering vindt plaats te ’s-Gravenhage in een lokatie, die door het bestuur van de vereniging zal worden aangewezen.

 

Algemene vergadering

Artikel 11

1.       De algemene vergaderingen worden bijeengeroepen door het bestuur, met inachtneming van een termijn van tenminste acht dagen. De bijeenroeping geschiedt door een aan alle leden te zenden schriftelijke mededeling.

2.      Behalve de in artikel 10 bedoelde jaarvergadering zullen algemene vergaderingen worden gehouden, zo dikwijls het bestuur dat wenselijk acht, alsmede zo dikwijls dat schriftelijk, door alle verzoekende leden persoonlijk ondertekend, met opgave van de te behandelen onderwerpen, wordt verzocht door tenminste een zodanig aantal leden als bevoegd is tot het uitbrengen van één/tiende gedeelte der stemmen in de algemene vergadering, indien daarin alle leden tegenwoordig of vertegenwoordigd zijn.

3.      Na ontvangst van een verzoek als in lid 2 bedoeld is het bestuur verplicht tot bijeenroeping van een algemene vergadering op een termijn van niet langer dan vier weken. Indien aan het verzoek tot bijeenroeping binnen veertien dagen nadat dit door het bestuur werd ontvangen, geen gevolg wordt gegeven, zullen de verzoekers zelf tot die bijeenroeping kunnen overgaan op de wijze waarop het bestuur de algemene vergaderingen bijeenroept.

 

Besluitvorming

Artikel 12

1.       a. Alleen leden hebben toegang tot de algemene vergadering. Derden worden alleen toegelaten, wanneer dat gebeurt op uitnodiging van het bestuur en daartegen geen meerderheid van de aanwezige leden bezwaar heeft.

De ter vergadering aanwezige leden hebben ieder één stem. Ieder lid is bevoegd zijn stem te doen uitbrengen door een schriftelijk daartoe gemachtigd ander lid.

b. De besluiten van de ledenvergadering worden genomen met een volstrekte meerderheid van stemmen van de aanwezige of vertegenwoordigde leden, tenzij iets anders door de wet, de statuten, of door het huishoudelijk reglement wordt voorgeschreven. Bij staking van stemmen is geen besluit genomen.

2.   Stemming over zaken geschiedt mondeling, over personen schriftelijk. Het aannemen van voorstellen bij acclamatie is mogelijk, mits dit geschiedt op voorstel van de voorzitter en met instemming van de vergadering.

3.   Onder stemmen wordt verstaan geldig uitgebrachte stemmen. Blanco stemmen zijn geen geldige stemmen. Degenen die blanco of ongeldig stemmen tellen slechts mee om het quorum vast te stellen.

4.   Een ter vergadering door de voorzitter uitgesproken oordeel omtrent de uitslag der stemming is beslissend. Indien echter onmiddellijk na het uitspreken van dit oordeel de juistheid daarvan wordt betwist, vindt een nieuwe stemming plaats wanneer de meerderheid der vergadering of, indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk is geschied, een stemgerechtigde aanwezige dit verlangt. Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.

 

Leiding, notulen

Artikel 13

1.       De voorzitter van het bestuur leidt de vergaderingen. Bij zijn afwezigheid of ontstentenis zal een der andere bestuursleden als voorzitter van de vergadering optreden.

2.      Van het ter algemene vergadering verhandelde worden door de secretaris of door een door de voorzitter aangewezen lid der vereniging notulen opgemaakt, die in de volgende algemene vergadering worden geagendeerd.

 

Statutenwijziging

Artikel 14

1.       Wijziging van de statuten kan slechts plaatshebben na een besluit van de algemene vergadering, waartoe werd opgeroepen met de mededeling dat daarin wijziging van de statuten zal worden voorgesteld. De termijn voor oproeping tot een zodanige vergadering moet tenminste veertien dagen bedragen.

2.      Zij, die de oproeping tot de algemene vergadering ter behandeling van een voorstel tot statutenwijziging hebben gedaan, moeten tenminste tien dagen voor de dag der vergadering een afschrift van dat voorstel, waarin de voorgestelde wijziging(en) woordelijk is (zijn) opgenomen, op een daartoe geschikte plaats voor de leden ter inzage leggen tot na afloop van de dag, waarop de vergadering werd gehouden.

3.      Tot wijziging van de statuten kan slechts worden besloten door een algemene vergadering waar tenminste twee/derde van het totaal aantal leden der vereniging aanwezig of vertegenwoordigd is, met een meerderheid van tenminste twee/derde van het aantal stemmen.

4.      Bij gebreke van het quorum kan ongeacht het aantal ter vergadering aanwezige of vertegenwoordigde leden tot statutenwijziging worden besloten op een volgende, tenminste vijf dagen doch uiterlijk dertig dagen na de eerste, te houden vergadering, met een meerderheid van twee/derde van de stemmen.

 

Artikel 15

Het in artikel 14 bepaalde is niet van toepassing indien ter algemene vergadering alle leden aanwezig of vertegenwoordigd zijn en het besluit tot statutenwijziging met algemene stemmen wordt genomen.

 

Artikel 16

De statutenwijziging treedt niet in werking dan nadat daarvan een notariële akte is opgemaakt.

 

Ontbinding en vereffening

Artikel 17

1.       De vereniging wordt ontbonden door een besluit van de algemene vergadering, genomen met tenminste twee/derde van het aantal stemmen in een vergadering waarin tenminste drie/vierde gedeelte van de leden aanwezig of vertegenwoordigd is. Voorts wordt een vereniging ontbonden in de overige in de wet (artikel 2:19 BW) genoemde gevallen.

2.      Bij gebreke van het quorum kan, ongeacht het aantal ter vergadering aanwezige of vertegenwoordigde leden, tot ontbinding worden besloten in een volgende, tenminste vijf dagen doch uiterlijk dertig dagen na de eerste, te houden vergadering, met een meerderheid van twee/derde der stemmen.

3.      Bij oproeping tot de in de leden 1 en 2 van dit artikel bedoelde vergaderingen moet worden medegedeeld dat ter vergadering zal worden voorgesteld de vereniging te ontbinden. De termijn voor oproeping tot zodanige vergaderingen moet tenminste veertien dagen bedragen.

4.      Indien bij een besluit tot ontbinding geen vereffenaars zijn aangewezen, geschiedt de vereffening door het bestuur overeenkomstig de wettelijke bepalingen.

5.      Een eventueel batig saldo zal worden aangewend voor door de algemene vergadering te bepalen zodanige doeleinden als het meest met het doel der vereniging overeenstemmen. De vereffenaars dragen het batig saldo daartoe over.

6.      Na de ontbinding blijft de vereniging voortbestaan voorzover dit tot vereffening van haar vermogen nodig is. Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van de statuten en reglementen voorzover mogelijk van kracht. In stukken en aankondigingen die van de vereniging uitgaan, moeten aan haar naam worden toegevoegd de woorden: in liquidatie.

7.      De boeken, bescheiden en andere gegevensdragers van de vereniging moeten worden bewaard door een door de vereffenaars aan te wijzen natuurlijke of rechtspersoon, gedurende zeven jaren na de vereffening.

 

Huishoudelijk reglement

Artikel 18

1.       De algemene vergadering kan bij huishoudelijk reglement nadere regels geven omtrent het lidmaatschap, de introductie, het bedrag der contributies en entreegelden, de werkzaamheden van het bestuur, de vergaderingen, de wijze van uitoefening van het stemrecht, het beheer en gebruik van het eventuele gebouw der vereniging en alle verdere onderwerpen, waarvan de regeling gewenst is.

2.      Wijziging van het huishoudelijk reglement kan geschieden bij besluit van de algemene vergadering, op voorstel van het bestuur dan wel indien dit schriftelijk wordt verzocht door tenminste een/derde gedeelte van de leden der vereniging.

De algemene vergadering kan daartoe eerst besluiten nadat het bestuur, als het voorstel tot wijziging niet van haar afkomstig is, de gelegenheid heeft gehad zich over deze wijziging te beraden.

3.      Het huishoudelijk reglement zal geen bepalingen mogen bevatten die afwijken van of in strijd zijn met de bepalingen van de wet of van de statuten, tenzij de afwijking door de wet of de statuten wordt toegestaan.

 

Slotbepaling

Artikel 19

In alle gevallen, waarin de wet noch de statuten noch het huishoudelijk reglement voorziet, beslist het bestuur.